De winst van Wibra

Wibra Supermarkten B.V. is flink getroffen door de coronapandemie en de daaruit voortvloeiende winkelsluitingen. Niet voor niets ontving zij voorschotten op de NOW-1, NOW-2 en NOW-3 regelingen van in totaal circa EUR 7,5 miljoen. Deze staatssteun heeft de problemen wellicht verlicht, maar niet weggenomen. Wibra vond in de cao Retail Non-Food echter nog een mooie bepaling om de problemen te verlichten.

CAO Retail Non-Food

In de cao staat namelijk dat Wibra haar werknemers, met wie is afgesproken dat zij flexibel kunnen worden ingezet, kan verplichten binnen een bandbreedte van 35% ten opzichte van hun basisuren wekelijks meer of minder arbeidsuren te werken. Hierbij geldt een referentieperiode van twaalf maanden. Een Wibra werknemer met een gemiddelde arbeidsomvang van 32 uur per week kan dus tijdens de winkelsluitingen minder worden ‘ingeroosterd’ (omdat feitelijk niet kon worden gewerkt), zodat diezelfde werknemer in een periode dat de winkels wel open zijn ‘extra’ moet werken.

Standpunt FNV

FNV vond dat dit niet door de juridische beugel kon en vorderde dat het schrijven van deze minuren zou worden verboden. Volgens FNV werd de cao-bepaling door Wibra ten onrechte ingezet voor een probleem dat voor rekening en risico van Wibra (of en elk geval niet voor rekening en risico van de werknemers) zou moeten komen. Volgens FNV zou de cao-bepaling ook uitsluitend zien op ‘piek-en-ziek’-uren en dus niet voor winkelsluitingen kunnen worden gebruikt.

Kort geding

De rechter in kort geding ging hier niet in mee. Volgens de rechter mag Wibra – binnen de in de cao-bepaling gestelde grenzen – minuren schrijven als niet wordt gewerkt door een winkelsluiting. De cao-bepaling kan ook worden toegepast in de (onvoorziene) situatie van kantoorsluitingen.

Gevolgen

Wibra heeft hiermee een voordeeltje. De werknemers kunnen, nu de winkels open zijn, ‘plusuren’ draaien, zodat bijvoorbeeld oproep- of uitzendkrachten niet of minder hoeven te worden ingeschakeld. Dat bespaart kosten.

Trendbreuk?

De uitspraak van Wibra is opmerkelijk, omdat in een reeks van uitspraken de werkgever steeds aan het kortste eind trok. In een vergelijkbare zaak, waarbij een werkgever (die de cao Metalektro toepaste) met toestemming van de ondernemingsraad een dienstrooster met minder werkuren invoerde, zodat deze werknemers de niet-gewerkte uren later moesten inhalen, oordeelde de rechter juist dat het inhalen van minuren niet toelaatbaar was. Een Turkse broodjeszaak, een valkerij en een kapsalon mochten namelijk niet eenzijdig het salaris stopzetten of verlagen. Ook de verplichting om 20% van de vakantiedagen vóór 1 juni 2020 op te nemen werd door een rechter verboden. Voorts vormt thuisquarantaine geen reden om de loonbetaling te staken. Tot slot lukte het Artis niet om enkele arbeidsvoorwaarden, waaronder vaste en variabele toeslagen, een eindejaarsuitkering en een jubileumuitkering, vanwege corona in te trekken en zo kosten te besparen.

De winst van Wibra heeft een ruimer effect. Ook de Horeca-cao en de cao Recreatie kennen een min-uren bepaling. Daarnaast kunnen ondernemingen die niet aan een cao gebonden zijn en gebruik maken van een jaarurensystematiek mogelijk meeliften op de winst van Wibra.

Sander Theunissen (st@clintlegal.com / +31 20 820 0330)