Loonstop stopt loon tot laatste cent

Kort nadat een transportbedrijf een chauffeur informeert dat zijn (tweede) arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd niet wordt verlengd, meldt deze zich ziek. De bedrijfsarts acht de chauffeur vrijwel meteen in staat halve dagen rustige werkzaamheden in de loods te verrichten. De chauffeur is het hier niet mee eens en laat de bedrijfsarts en het transportbedrijf weten het advies van de bedrijfsarts naast zich neer te leggen.

Nog dezelfde dag stuurt het transportbedrijf de chauffeur een brief waarin hij (i) de chauffeur sommeert het advies van de bedrijfsarts op te volgen; (ii) hem adviseert een deskundigenoordeel bij het UWV aan te vragen; en (iii) een loonstop aankondigt als hij advies van de bedrijfsarts niet binnen vijf dagen opvolgt.

Loonstop

De chauffeur maakt bezwaar tegen de aankondigde loonstop en vraagt een deskundigenoordeel aan. Omdat hij echter weigert te werken, past het transportbedrijf de loonstop toe tot het einde van de arbeidsovereenkomst ruim een maand daarna.

Deskundigenoordeel UWV

Het UWV conformeert zich aan het advies van de bedrijfsarts en oordeelt dat sprake is van  benutbare mogelijkheden.

Daags na het aflopen van zijn arbeidsovereenkomst, verzoekt de chauffeur om een eindafrekening, waaronder betaling van achterstallig loon, niet-genoten vakantiedagen en transitievergoeding. Omdat het transportbedrijf dat weigert, vordert de chauffeur bij de kantonrechter betaling van die componenten.

Kantonrechter

De chauffeur stelt zich op het standpunt dat hij sowieso recht heeft op 50% van zijn salaris, nu hij voor 50% arbeidsongeschikt was.

Rechtbank Rotterdam maakt daar korte metten mee. Volgens de kantonrechter heeft de werkgever het recht een loonstop toe te passen voor de duur dat de werknemer zonder deugdelijke grond weigert passende werkzaamheden te verrichten, terwijl hij daar wel toe in staat is. In dat geval komt de aanspraak op loondoorbetaling in zijn geheel te vervallen, dus ook over het deel van de werktijd waarvoor de werknemer arbeidsgeschikt is.

De chauffeur doet vervolgens een poging om aannemelijk te maken dat hij zich na ontvangst van het deskundigenoordeel beschikbaar heeft gehouden voor re-integratie. Vaststaat dat hij twee keer kort met het transportbedrijf heeft gebeld, maar die heeft betwist dat de chauffeur toen heeft aangegeven te willen re-integreren. Bovendien staat ook vast dat de chauffeur geen gehoor heeft gegeven aan de uitnodiging van het transportbedrijf daarna om met aangepaste werkzaamheden te beginnen.

Kortom, de chauffeur moet het doen met de transitievergoeding en uitbetaling van niet-genoten vakantiedagen.

Hoge Raad

Deze uitspraak is in lijn met het CSU Personeel-arrest van de Hoge Raad uit 2014, waarin deze oordeelde dat de werkgever het loon volledig mag stoppen gedurende de tijd dat een werknemer kon werken maar niet wilde werken. Volgens de Hoge Raad “heeft de wetgever een afschrikwekkende sanctie, bestaande in algeheel verlies van de aanspraak op doorbetaling van loon, op haar plaats geacht”. De loonstop moet dus echt een prikkel hebben.

Stappenplan

Het transportbedrijf heeft de koninklijke route bewandeld, die kan worden gevolgd in vergelijkbare gevallen. Op een rij:

  • schakel na een ziekmelding de bedrijfsarts in;
  • houd de werknemer aan het advies van de bedrijfsarts en kondig zo nodig een loonstop aan. Het is belangrijk voor werkgevers zich te realiseren dat toepassing van een loonstop, inclusief tijdige aankondiging daarvan, verplicht is, omdat hij anders zelf risico op een loonsanctie loopt. De werkgever moet er immers op toezien dat de werknemer aan zijn re-integratieverplichtingen voldoet en zo nodig ingrijpen;
  • wijs de werknemer op de mogelijkheid een deskundigenoordeel aan te vragen bij het UWV als deze zich niet kan vinden in het advies van de bedrijfsarts;
  • pas de loonstop daadwerkelijk toe.

Eric van Dam (evd@clintlegal.com / +31 20 820 0330)